Aggregaat kiezen in 3 stappen

Wilt u een aggregaat huren voor een feest, een evenement, bij stroomuitval of werkzaamheden aan het net? Maar u weet niet welk aggregaat u moet kiezen? Marcel Treur helpt u bij de keuze van het juiste aggregaat. In 3 stappen kiest u het juiste aggregaat.

Voor welke situatie is het aggregaat nodig?

Een aggregaat is gemaakt om elektriciteit op te wekken. Door de aggregaat wordt mechanische energie omgezet in elektrische energie. De keuze het aggregaat hangt af van het vermogen en de spanning die u nodig heeft. Voor elke situatie is een andere aggregaat geschikt.

Stap 1: Hoeveel spanning heeft u nodig?

Belangrijk is om te bepalen hoeveel spanning u nodig heeft. Het is belangrijk om te weten welke spanning op de locatie aanwezig is en welke apparaten er op het aggregaat moeten worden aangesloten.

Overname van de gehele stroomvoorziening

Wilt u dat een aggregaat de hele stroomvoorziening moet overnemen bij een stroomstoring? Bekijk in uw meterkast op de kWh-meter wat het Voltage is. Er zijn 2 mogelijkheden:
– 220 V / 230 V: 230 Volt is de standaard wisselspanning in de meeste huizen in Nederland.
– 400 V: 400 Volt krachtstroom wordt soms in huishoudens aangetroffen voor bijvoorbeeld elektrische fornuizen. Fabrieken en bedrijven hebben vaker een 400 Volt krachtstroom aansluiting.

Het is belangrijk om te weten hoe hoog de netspanning in een woning of pand is. Wilt u dat de generator de volledige netspanning in huis kan overnemen? Afhankelijk van de situatie kiest u een aggregaat voor 230 V of voor 400 V,

Aggregaat voor bepaalde apparatuur

Heeft u het aggregaat nodig voor maar slechts enkele apparaten? Controleer dan het vermogen van de apparatuur die u wilt aansluiten op het aggregaat. Tel het vermogen van alle elektrische apparaten bij elkaar op die op het aggregaat worden aangesloten. Gezamenlijk moeten deze onder de 5800 á 8000 Watt blijven bij een 230 V netspanning. Gaat het bijvoorbeeld alleen om een draaitafel met geluidsinstallatie, koelkast, frituurpan of koffiezetapparaat dan heeft u meestal voldoende aan 230 V.
Het kan ook dat uw apparatuur op krachtstroom werkt. Meestal gaat het om professionele apparaten in fabrieken of om apparatuur voor een evenement. Neem bij twijfel contact met ons op om u te laten adviseren.

Stap 2: Hoeveel vermogen heeft u nodig?

Maak een overzicht van het vermogen van alle apparaten die u wilt aansluiten op het aggregaat en die tegelijk moeten werken. Zo bepaalt u het vermogen dat het aggregaat moet opwekken. Het vermogen wordt berekend uit de soort elektrische belasting en het totaal aantal kilowatt of Ampère dat een bepaald soort apparaat opneemt.

Piekstroom

Er moet ook rekening worden gehouden met piekstroom. Elektrische apparaten kunnen bij het opstarten voor een korte tijd meer vermogen vragen dan tijdens normaal gebruik. Een compressormotor heeft bijvoorbeeld een aanloopspanning. Dit houdt in dat er meer vermogen nodig is om de inductiemotor op te starten. In een korte periode kan dit oplopen van een factor 2 tot 5 van het vermogen van de elektromotor. Dus een 1,5 pk (1100 Watt) compressor kan een generator nodig hebben die rond de 5500 Watt kan leveren.

Stap 3: Welke apparaten worden aangesloten?

Voor het bepalen van het juiste aggregaat is het belangrijk om eerst de verbruikerscategorie vast te stellen waarin het apparaat en toepassing valt. Er zijn drie soorten verbruikers:

1. Weerstand apparatuur

Dit zijn eenvoudige verbruikers, zoals: de gloeilamp, een broodrooster en een elektrische kachel. Hun stroomverbruik is constant. Er is geen extra aanloopstroom nodig. De prestatie van de verbruiker is niet afhankelijk van de kwaliteit van de afgegeven spanning.

2. Inductieve apparatuur

Dit zijn apparaten met een elektromotor, zoals: elektrisch gereedschap, compressorkoelkast, airconditioning. De prestatie is afhankelijk van de kwaliteit van de afgegeven spanning. Een spanning van een lage kwaliteit veroorzaakt trillingen en daardoor lage prestaties van de elektromotor. Dit betekent dat de elektromotor zijn maximumtoerental of -koppel niet kan bereiken, met oververhitting en uiteindelijk een kortere levensduur tot gevolg. Bij inductieve verbruikers is een extra aanloopstroom nodig. Het uiteindelijke stroomverbruik is aanzienlijk minder wanneer de elektromotor eenmaal draait. Apparaten zoals zaag- en boormachines zijn ook inductieve verbruikers. Het stroomverbruik is laag. Maar er is een aanloopstroom nodig die 2 tot 5 keer het uiteindelijke stroomverbruik is.

3. Elektronische apparatuur

Elektronische verbruikers zijn apparaten met zeer gevoelige elektronica, zoals: de computer (laptop), TV en hifi-apparatuur. Ze zijn zeer gevoelig voor de kwaliteit van het elektrische signaal. Deze apparaten hebben een stabiele spanning nodig om goed en constant te kunnen werken. Als u twijfelt over het “piekvermogen” van uw apparatuur neemt u dan contact op met de fabrikant van het betreffende product.

Diesel aggregaat, benzine aggregaat, fluister aggregaat of groene aggregaat

Verder is er keuze uit verschillende soorten aggregaten op het gebied van brandstof. Een benzinegenerator is goedkoper en vaak stiller in gebruik. Maar een dieselgenerator is meer bedrijfszeker en duurzamer. En dan is er nog en fluistergenerator of inverter generator die erg stabiel, stil en zuinig is. Of een milieuvriendelijke groene generator zoals de hybride aggregaat met een generator die werkt op brandstof en een accupakket, waarbij de ingebouwde aggregaat inschakelt bij piek momenten in de energiebehoefte.

Hulp bij het kiezen van een aggregaat

Natuurlijk helpen wij u bij het bepalen van het juiste aggregaat. Marcel Treur geeft u vrijblijvend advies en  staat voor u klaar als u een aggregaat wilt huren. Neem vrijblijvend contact op voor meer informatie.